Overdenking: even stilstaan bij het Leven

Op deze pagina een overdenking, ontleend aan 'Manna voor maandag = E-meal' van de CBMC. Wil je deze als spoorchristen wekelijks per mail ontvangen, vul dan op die CBMC site even je E-mailadres in.

Financiële principes die niet veranderen
Aan het einde van elk jaar bekijken we de financiële principes, waar we over geschreven hebben in het afgelopen jaar voor de maandelijkse nieuwsbrief, Sound Mind Investing, erop vertrouwend dat de lezers van deze vele ideeën een aantal stappen kunnen implementeren in het volgende jaar. Het is echter belangrijk, dat we inzien dat dergelijke beslissingen niet in een vacuüm gemaakt moeten worden.

Als investeerders dringen wij erop aan dat u elke financiële beslissing maakt in het licht van wat God in de Bijbel duidelijk maakt. Ongeacht bij wie u te rade gaat voor advies in investeringen, volgen hier een paar universeel heersende Bijbelse principes, welke politieke of economische winden er ook waaien.

God is onbetwist de eigenaar van het hele universum. “De HEER, die vrij kan beschikken over de hoogste hemel en over de aarde en alles wat daarop leeft,” (Deuteronomium 10:14). “Wie zou Mij tegemoet treden, die Ik ongedeerd zou laten? Wat onder de ganse hemel is, dat behoort Mij toe.” (Job 41:2, NBG51) “Van U, o HERE, is de grootheid en de kracht, de heerlijkheid, de roem en de majesteit, ja, alles wat in de hemel en op de aarde is; van U is de heerschappij, o HERE, en Gij zijt als hoofd boven alles verheven. Want rijkdom en eer komen van U, en Gij heerst over alles;” (I Kronieken 29:11,12)

Ook ik val onder de dingen waar God eigenaar van is. God is nooit minder dan de al heersende Schepper; ik ben nooit meer dan Zijn geschapen rentmeester. “Van de HEER is de aarde en alles wat daar leeft, de wereld en wie haar bewonen, hij heeft haar op de zeeën gegrondvest, op de stromen heeft hij haar verankerd.” (Psalm 24:1,2) “Of weet u niet dat uw lichaam een tempel is van de heilige Geest, die in u woont en die u ontvangen hebt van God, en weet u niet dat u niet van uzelf bent?” (I Korinthe 6:19)

Omdat ik niets bezit dat mij niet gegeven is, heb ik geen basis voor trots, alleen dankbaarheid. “Wie denkt u dat u bent? Bezit u ook maar iets dat u niet geschonken is? Alles is u geschonken, dus waarom schept u dan op alsof u het zelf verworven hebt?” (I Korinthe 4:7) “Wij hebben niets in deze wereld meegebracht en kunnen er ook niets uit meenemen. Wij hebben voedsel en kleren, laten we daar tevreden mee zijn.” (I Timotheüs 6: 7,8) “Mijn God zal uit de overvloed van zijn majesteit elk tekort van u aanvullen, door Christus Jezus.” (Filippenzen 4:19)

Wat betreft de dingen die ik beheer, heb ik managementverantwoordelijkheden, geen eigenaars rechten. Het is een roeping voor het leven, die vergt dat ik continu leef met één oog op de eeuwigheid. “Als jullie onbetrouwbaar blijken in de omgang met de valse mammon, wie zal jullie dan werkelijk belangrijke dingen toevertrouwen? En als jullie onbetrouwbaar blijken met wat een ander toebehoort, wie zal jullie dan geven wat jullie zelf toekomt?” (Lucas 16:11,12)

Ik ben geroepen om elke dag voluit te leven, niet in de toekomst. God evalueert of ik getrouw ben geweest in mijn management en giften gebaseerd op wat ik nu bezit en niet op wat ik eens zal kunnen doen als ik wat meer bezit. “Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden. Maak je dus geen zorgen voor de dag van morgen,…” (Mattheüs 6:33,34) “Zijn heer zei tegen hem: “Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar. Omdat je betrouwbaar was in het beheer van een klein bedrag, zal ik je over veel meer aanstellen.” (Mattheüs 25:23)

God heeft richtlijnen gegeven voor de beste manier van het beheren van Zijn rijkdom voor Zijn glorie. Voor het overgrote deel zijn deze richtlijnen meer algemeen dan specifiek, wat inhoud dat om wijze beslissingen te nemen, we constant Gods Wijsheid moeten zoeken. “God heeft ons niet een geest van lafhartigheid gegeven, maar een geest van kracht, liefde en bezonnenheid.” (II Timotheüs 1:7) “Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, 17 zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust.” (II Timotheüs 3:16,17)

Tekst: Austin Pryor, vertaling: Marja Doppenberg